Aandeelhouders van het geplaagde Ebusco kwamen voor de tweede keer in vijf maanden bijeen om een herfinanciering goed te keuren. Al heeft het bedrijf ondertussen wéér geld moeten ophalen. Deze kapitaalinjecties moeten de e-bussenbouwer de financiële armslag geven bussen klaar te maken voor levering en het bedrijfsmodel te transformeren.
Ebusco is de afgelopen maanden sneller dan verwacht door zijn geld heen geraakt. Na een claimemissie eind november (opbrengst: 28 miljoen euro) moest het bedrijf opnieuw bij financiers aankloppen voor een kapitaalstorting.
Dat geld wordt nu op verschillende manieren bijeengeschraapt. Ebusco-ceo Christian Schreyer bereikte een overeenkomst met batterijleverancier Gotion om een openstaande vordering om te zetten in nieuwe aandelen. Ook schoten drie andere partijen te hulp met een kortlopende (converteerbare) lening.
Tijdens een buitengewone aandeelhoudersvergadering (bava) in de productielocatie in het Brabantse Deurne moesten bestuur en commissarissen op 26 maart aan de aanwezige aandeelhouders tekst en uitleg geven over de nieuwe noodgreep, die bij een volgende vergadering nog officieel moet worden goedgekeurd.
Ebusco betaalt een hoge prijs voor het nieuwe geld. Over het overbruggingskrediet met een looptijd van zes maanden betaalt het bedrijf 10 procent rente. Daarnaast heeft Gotion afgedwongen dat het zowel een eigen vertegenwoordiger in het bestuur als een commissaris mag leveren.
In totaal leent Ebusco 22 miljoen euro. Een deel van die hoofdsom kan door leningverstrekkers worden omgezet in aandelen. Als onderdeel van de nieuwe deal kan één van de financiers, Heights Capital, ook zijn eerdere lening die het Amerikaanse fonds eind 2023 al verstrekte tegen gunstigere voorwaarden (lees: meer aandelen) converteren in Ebusco-aandelen. Het in rap tempo uitgeven van nieuwe aandelen zorgt voor een grote verwatering bij langzittende beleggers.
Valse start
Deze nieuwe financieringsronde is een valse start voor de in september aangetreden Duitse ceo Schreyer. Hij zei enkele maanden geleden, net na de claimemissie, te willen afrekenen met “de vicieuze cirkel van te veel beloven en daarna teleurstellen”.
In november vorig jaar leverde de aandelenemissie Ebusco nog 28 miljoen euro op. Toen gaf het bestuur al aan dat dit bedrag niet voldoende zou zijn om alle verwachte cashtekorten te dichten, maar bestuurders waren “highly confident” dat aanvullende maatregelen in het eerste kwartaal van 2025 extra liquiditeit zouden vrijmaken. Zo moesten 21 bussen worden geleverd aan de Duitse vervoersmaatschappij NIAG. Ook het verkopen van overbodige voorraden kon voldoende geld opleveren.
De praktijk bleek weerbarstiger: Ebusco kwam toch in geldnood. Het nabij Duisburg gevestigde NIAG wacht nog altijd op de bussen. Ook leveringen aan andere klanten zijn vertraagd. Schreyer verklaarde dat dit te wijten was aan “problemen in de toeleveringsketen”. Ebusco is druk doende zich om te vormen van een zogenoemde Original Equipment Manufacturer (OEM) naar Original Equipment Designer (OED). Met andere woorden: het wil zich meer richten op het ontwerp van bussen. Tot voor kort sleutelde Ebusco de bussen in eigen productiehallen zelf in elkaar, maar die productie wordt nu uitbesteed aan bijvoorbeeld Chinese onderaannemers.
Dit heeft ook grote gevolgen voor de toeleveringsketen. Alle onderdelen moeten nu op het juiste moment op een andere plek worden geleverd. Wat vermoedelijk ook niet helpt, is dat leveranciers van Ebusco door de precaire financiële situatie wat huiveriger zijn geworden zaken te doen met het bedrijf. Als gevolg daarvan zit het bedrijf met een groot aantal deels afgemaakte bussen waarvan enkele onderdelen ontbreken.
Boetes
Aandeelhouders wilden weten wanneer de leveringen eindelijk op gang komen. De order van NIAG moet nu écht “het tweede kwartaal” plaatsvinden, zo bevestigde ceo Schreyer. In totaal heeft Ebusco voor 74 bussen kopers gevonden, waarvan de order eerder door andere klanten was geannuleerd. “Het is nog steeds onze inschatting dat deze bussen vanaf volgend kwartaal stap voor stap worden geleverd”, aldus Schreyer.
Ebusco kan elke euro gebruiken en kan zich geen verdere vertragingen veroorloven. De 22 miljoen euro die in februari is opgehaald, is er snel doorheen als het bedrijf niet snel bussen bij klanten krijgt en op die manier cash vrijspeelt.
Daarbij helpt het niet als Ebusco weer boetes zou moeten gaan betalen. Het bedrijf heeft contractueel vastgelegd dat boetebetalingen verschuldigd zijn bij te late levering. In de emissieprospectus was al te lezen dat Ebusco voor zo’n 16 miljoen euro aan dergelijke verplichtingen had. Per eind vorig jaar is dat bedrag teruggebracht tot 10 miljoen euro. Schreyer erkende dat boetes “inherent zijn aan de business” en dat er altijd risico’s blijven. Wel probeert Ebusco deze risico’s te beperken door in nieuwe contracten langere leveringstermijnen af te spreken.
“Vechtlust”
Ebusco heeft de afgelopen maanden het volledige topmanagement gewijzigd. Schreyer zelf is de langstzittende bestuurder, terwijl hij pas in september vorig jaar is begonnen. Eind november kreeg hij een nieuwe financieel directeur naast zich, in de persoon van Jan Piet Valk. Valk is na zijn pensionering bij verhuurbedrijf Boels Groep tijdelijk cfo. In de bava is ten slotte Michel van Maanen aangesteld als operationeel directeur. Van Maanen, die tussen 2018 en 2021 al bij Ebusco werkte, keerde terug na een periode in Australië.
Van Maanen nam vanuit China via een videoverbinding deel aan de vergadering. Hij was daar voor gesprekken met lokale partijen om het nieuwe OED-model zo snel mogelijk vlot te trekken. Op de vraag van een aandeelhouder hoe optimistisch hij is over de toekomst van Ebusco, antwoordde hij: “De vechtlust is er nog steeds. Anders zou ik niet met mijn gezin terugkomen uit het zonnige Australië.”
Die positieve stemming is nog niet overgeslagen op alle beleggers. Op de beurs staat het aandeel Ebusco zwaar onder druk. Sinds de beursgang in 2021 is 99 procent van de waarde verdampt. En tijdens de bava beet een aandeelhouder het bestuur toe: “Ik kom hier al twee jaar en hoor elke keer dat het beter wordt.”
Wachten op jaarrekening
Nu Ebusco een nieuwe reddingsboei heeft gevonden, moet het de komende weken ook zijn jaarcijfers over het afgelopen boekjaar afronden en door externe accountant Ernst & Young laten controleren. De publicatie van die jaarrekening staat op de agenda voor 30 april: het laatste moment dat beursgenoteerde ondernemingen volgens de Nederlandse wet hun jaarverslag mogen publiceren. Vorig jaar had Ebusco minder tijd nodig om het jaar af te sluiten: toen kregen beleggers de jaarcijfers op 26 maart gepresenteerd. Het latere publicatiemoment is ook een teken dat het bij de e-bussenbouwer stroef loopt.
Beleggers zijn benieuwd of Ernst & Young de jaarrekening van een schone controleverklaring zal voorzien en vertrouwen heeft in de continuïteit van Ebusco (going concern). Een aanwezige aandeelhouder wilde alvast weten of de accountant zich kan vinden in de going concern-veronderstelling die het bestuur vermoedelijk wil hanteren. Financieel directeur Jan Piet Valk wilde daar niet op vooruitlopen: “Ik kan geen commentaar geven op het jaarverslag. Ik verwijs graag naar het jaarverslag van vorig jaar”.
Ook toen zat het bedrijf al in een lastig parket en was sprake van een ‘materiële onzekerheid’ over het voortbestaan van de onderneming, zoals dat in jargon heet. Hoewel de accountant destijds instemde met de inschatting van het bestuur dat Ebusco ook in een worstcasescenario voldoende liquiditeit zou hebben, plaatste EY wel een kanttekening in de vorm van een emphasis of matter-paragraaf.
Na twee herfinancieringen in vijf maanden en aanhoudende operationele uitdagingen, is het nog spannender hoe het oordeel van de boekencontroleur dit jaar gaat luiden.
Grotere invloed van Chinese aandeelhouder |
|